zaterdag 9 december 2017

De wereldwijde vegetariër (3b) Spanje

Spanje

Het land van tapas en paella. Populaire gerechten waar je als vegetariër soms mee moet manoeuvreren. Er zijn grote verschillen tussen de regio's en tussen de verschillende steden qua mogelijkheden. Het meest modern is Catalonië, waar in de meeste steden wel vegetarische restaurants zijn. In Andalucië is dat nog veel minder, al is Malaga dan weer een aangename uitzondering. Een groot verschil met 15 à 20 jaar geleden, is dat je veel beter met Engels terecht kunt. En dat maakt het al weer een stuk gemakkelijker je bedoeling over te brengen.
Denk er aan dat de Spaanse etenstijden enorm af kunnen wijken van wat je gewend bent. Lunch vanaf 1 uur of 2 uur; diner vanaf 8 uur of 9 uur - ook dit verschilt weer per regio.

middageten (la comida)

Het middageten is de belangrijkste maaltijd van de dag. Daarvoor ga je op zoek naar een menu del dia, een dagmenu. Bijna ieder restaurant biedt dat doordeweeks tussen de middag aan, en je krijgt echt waar voor je geld. Je krijgt twee gangen (primero en segundo platos), een drankje, brood, een toetje en koffie. De laatste opties zijn tegenwoordig niet altijd bij de prijs inbegrepen, dus daar moet je even op letten. Per gang kun je uit twee tot vier opties kiezen.

Als je geen vegetarisch restaurant gevonden hebt, kan het een hele opgave zijn om een vegetarische variant van het dagmenu los te krijgen. Vraag dan naar een salade zonder vis (ensalada sín atún), een soort ratatouille (pisto), en/of een lekkere aardappelomelet (tortilla de patatas). Hoe eenvoudig het ook klinkt, vaak zegt een restaurant dit niet te kunnen serveren.

Mocht het helemaal niet lukken, dan rest de supermarkt waar je broodjes en beleg kunt kopen. Een pak kant-en-klare gazpacho is dan een lekkere aanvulling: smaakvol en met body.

avondeten (la cena)

Dezelfde gerechten die je tussen de middag als menu del dia nam, zouden 's avonds een stuk duurder zijn. Dus stel je je diner samen uit een aantal tapas of raciones. Tapas zijn wel héél kleine hapjes, een racion is al bijna een bord vol. Het loopt flink uiteen hoeveel vegetarische tapas een restaurant op de kaart heeft staan. Vaak is in een café trouwens ook goed te eten.
Tapas
Maar... hoe lekker en gevarieerd de tapas in eerste instantie ook zijn, na een aantal dagen ben je al dat snacken toch een beetje zat.  Als je tussen de middag een menu del dia gescoord hebt, kun je wellicht toe met wat rijk-belegde broodjes: bocadillos, maar in iedere streek kunnen ze een andere naam hebben. Of een pizza van een veredelde snackbar. Een andere mogelijkheid is een Chinees restaurant te bezoeken. Meestal niet van hoogstaande kwaliteit, maar het is eens wat anders en je kunt er rijst eten.

Over rijst gesproken: paella zul je als het goed is nooit in een vegetarische variant vinden. Zonder vis mag het van de cultuurbewakers namelijk geen paella heten. Maar als je ergens arroz con verduras, rijstschotel, op het menu ziet staan, heb je een goede kans dat wij het veg paella zouden noemen. Als je de kans krijgt, lekker om te proberen. En dan kan het door alle olie zwaar op de maag liggen.
arroz con verduras

koffie en ontbijt

Een genot is de Spaanse koffie, die altijd uitstekend smaakt, buiten de centra spotgoedkoop is, en die je meestal drinkt op een terrasje aan een pleintje, of in een barretje tussen de oude locals. Er zijn allerlei varianten: café solo, café doble, café con leche, cortado, americano.

Caffeinevrije koffie (descafeinado) is heel gewoon en als je dat bestelt is de standaardvraag: de sobre o de maquina? De sobre is een zakje oploskorreltjes en krijg je met een glas warme melk. De maquina is gemalen en als espresso gemaakt, vervolgens al dan niet met melk. Dus bv un americano de descafeinado, un descafeinado con leche, etc.
tostada con tomate

Zo halverwege de ochtend neem je daar dan een (media) tostada con tomate bij. Een getoast half broodje met tomaten-salsa. Heerlijk met een drupje olijfolie er overheen. Ook heel lekker is de uitbreidere media tostada de tomate y queso want dan komt er kaas op.  Vraag om sin fundir (niet gesmolten), en om queso manchego, dat is écht lekkere kaas.

Voor de zoete ontbijter is de tostada er ook met boter en jam: de mantequilla y mermelada (mixta). Een goede magdalena is ook heerlijk als zoet ontbijt.

churros


In de namiddag kun je gerust churros (gefrituurde deegstengels) bij je koffie nemen. Wij denken misschien dat het bij warme chocolademelk in de ochtend hoort, maar bij la merienda (rond 5à6u) nemen hele hordes Spanjaarden café con churros als tussendoortje.

meer

Meer afleveringen van de wereldwijde vegetariër. (India, Thailand)

zaterdag 2 december 2017

De wereldwijde vegetariër (2) Thailand

Thailand

Als je Thais eten kent van de Thaise restaurants in Nederland, of van de toeristische restaurants in Thailand, zou je kunnen denken dat er volop keus is voor vegetariërs. Maar zo gauw je van de gebaande paden afwijkt in Thailand, valt dat vies tegen. Door werkelijk íeder gerecht zit vlees, soms kleine stukjes die de Thai ook niet als vlees benoemt, als je er naar vraagt. Als je al kunt communiceren, want ook dat is buiten de toeristische plekken meestal erg moeilijk. De soep is vaak van vlees getrokken, de curry is gemaakt van gefermenteerde garnalen, en als sluitstuk wordt bijna overal vissaus op gedaan.

lunch

Nee, vegetarisch eten is niet gemakkelijk in Thailand. Maar het goede nieuws is dat er in iedere middelgrote stad een spotgoedkoop veganistisch Chinees lunch-buffet is. Ja, íedere stad heeft ze, de kunst is om ze te vinden. Ze zitten vaak in zijstraatjes en hebben geen leesbaar bord, maar er is altijd een poster of vlag van rode Thaise tekens op een gele achtergrond. Met wat verbeelding lijken de tekens op "17" of "1F" met de "F" in spiegelbeeld.
Je kiest een aantal gerechten uit, soms schep je zelf op. Als je hier je hoofdmaaltijd van maakt, heb je in ieder geval een goede basis gelegd. Kom wel op tijd, sommige zijn rond twaalf uur - half een al uitverkocht.


Vegetarisch lunch buffet

diner

Voor je avondeten kun je soms egg fried rice nemen (de kans dat daar stukjes vlees door zitten is kleiner dan bij veg fried rice), soms sweet and sour veg met witte rijst. Als je de garnalen voor lief neemt, is een curry vaak wel met tofu te krijgen, ook als dat niet op het menu staat. Tofu heet ta-'hóe.

Je vraagt naar een vegetarisch restaurant door "ráhn ah·hăhn mang·sà·wí·rát " te zeggen.  "Mung-sa-vi-rat" betekent vegetarisch - en nee, daar zit geen rat in :)
Pas op met het gebruiken van de uitdrukking "kin jay", dit betekent zeer streng vegetarisch volgens specifieke Boeddhistische richtlijnen, en geen enkel gewoon of zelfs vegetarisch restaurant denkt van zichzelf dat ze dat kunnen klaarmaken.

Iedere stad heeft een night market waar vanaf 6u een verzameling kraampjes wordt opgezet voor kleding, plastic Chinese import spulletjes en eten. In kleinere steden is de night market niet iedere avond, dus vraag er even naar. Het is altijd gezellig er even rond te kijken, maar mijn ervaring is dat er bijzonder weinig vegetarische hapjes te krijgen zijn, in het beste geval wat zoetigheid. 

Koffie stalletje in de middle of nowhere

koffie en ontbijt

In de afgelopen tien jaar is een Thailand een ware koffiecultuur ontstaan. Er zijn talloze koffietentjes geopend waar ze verschillende soorten koffie van prima kwaliteit hebben. Soms zelfs uit een echt espressoapparaat. De Thaise ijskoffie is ook van superieure kwaliteit, echt iets om eens te proberen op een warme dag.
IJskoffie

Om je eigen ontbijt te verzorgen, zul je zo nu en dan de buitenwijken van een grote stad moeten opzoeken. Havervlokken en filterkoffie zijn namelijk alleen te krijgen in de mega-supermarkten Big C of Tesco Lotus. Fruit is meestal gemakkelijk op straat te koop. Kleine bakjes yoghurt kun je krijgen bij een van de talloze Seven Eleven mini-winkeltjes.


meer

Meer afleveringen van de wereldwijde vegetariër.

vrijdag 1 december 2017

De wereldwijde vegetariër (1) India

India

Voor vegetariërs is India het paradijs op aarde. In geen enkel land ter wereld is het zo gemakkelijk om vegetarisch eten te vinden. Hoewel de Indiërs zelf met het stijgen van de welvaart steeds meer vlees (vooral kip) eten, is er een enorm aanbod van vegetarisch eten. En wat misschien nog belangrijker is, iedereen begrijpt meteen wat je bedoeld als je om veg vraagt. Áls er in een plaats een restaurant is, is er ook een veg restaurant te vinden.

Noord Indiase Thali

lunch

Voor de lunch is de beste keus meestal een thali (Noord India) of een  meal (Zuid-India). Veel restaurantjes serveren hier rond de middag grote hoeveelheden van. Om het beste restaurant te kiezen ga je bij de uitgang van het busstation staan; aan de overkant van de weg is een rijtje thali-restaurants; waar het het drukste is, schuif je aan. Het is volkomen normaal dat je je tafel deelt met anderen. Soms moet je vooraf bij de kassier een voucher/coupon kopen voor een maaltijd. De special heeft dan een extra toetje. Aan de ober hoef je nauwelijks iets te zeggen, misschien "meal" en je vinger opsteken. 

In Zuid-India krijg je een bananenblad voor je. Daar sprenkel je een paar druppels water op die je er dan weer afveegt of schudt. Verschillende obers komen langs die achtereenvolgens rijst, droge groentes en sambar uit een grote schaal of emmer scheppen. In principe scheppen ze onbeperkt bij, tenzij je een limited meal besteld hebt. In sommige regio's krijg je chapati of een ander soort brood pas als je je rijst ophebt - in andere regio's is het precies andersom.
Zuid Indiaas Meal

In Noord-India krijg je een roestvrijstalen schaal met roestvrijstalen bakjes met de verschillende gerechten, die iets meer sauzig of curry-achtig zijn, en een dahl. De ober schept dan de rijst daartussen op.

diner

Restaurants zijn onderverdeeld in veg en non-veg, en dat staat vaak met een bordje aangegeven. In grotere hotels zijn vaak twee verschillende restaurants met volledig gescheiden keuken, de een veg en de andere non-veg. Oh ja, in kleinere plaatsen in Zuid-India wordt de term hotel ook wel gebruikt voor een heel klein restaurantje. Voor een overnachting zoek je een opschrift boarding of lodging. In kleinere plaatsen zijn er soms weinig of geen restaurants, en de kwaliteit kan ook erg uiteen lopen. Aarzel niet om te gaan eten in een groot hotel (als dat er wel is) – zelfs als de hotelkamer ver boven je budget is, is het eten in het uitstekende restaurant goedkoop.
Voor mij bestaat het ideale menu uit een groente-curry/masala, een dahl-variant, rijst en plain naan of chapati. Als je groente in een saus ligt, heet dat gravy (dat verwijst niet naar "jus"), anders is het dry ("dry" staat niet altijd op de kaart maar kan op verzoek gamaakt worden).


In een Indiaas veg restaurant staat geen ei op het menu. Veel gerechten zijn veganistisch, behalve het schaaltje met yoghurt/curd en het toetje. In Noord-India zit er door veel gerechten ghee, een soort boter. Biriyani wordt met veel ghee gemaakt en is in het zuiden vooral populair bij bruiloften en partijen. Dan zit er vaak ook kip of schaap doorheen.

koffie en ontbijt

Koffie is in Noord-India niet erg gangbaar en soms moeilijk te vinden. In het zuiden is het overal te krijgen. Tot voor kort was dat vaak een klein schepje oploskoffie in een bekertje buffel-melk met veel suiker - vraag om half sugar of suger separate en extra strong. Tegenwoordig is er gemakkelijker filterkoffie te krijgen van behoorlijke kwaliteit.

Als je je eigen ontbijt wilt verzorgen, zijn de meeste ingrediënten gemakkelijk te krijgen. Havervlokken of white oats zijn in ieder kruidenierswinkeltje te koop. Fruit op iedere straathoek. Yoghurt/curd soms in een "supermarkt" en vaak in een klein winkeltje met melkproducten. Ze zijn te herkennen aan een koelkast en een reclamebord voor het regionale melk-merk. Met een beetje rondvragen vind je ze wel. In geval van nood kun je mango-sap over je havervlokken gieten.

De pakjes koffie die je bij de kleinere kruidenierswinkeltjes kunt kopen, bestaan meestal voor een groot deel uit chicorei, surrogaatkoffie. Gemalen (pure) filterkoffie is in Zuid-India te koop in de grotere steden, bij outlets van de verschillende koffiemerken. Daar wordt het ter plekke voor je gemalen en verpakt. Sommige "supermarkten" verkopen die pakjes ook. 


meer

Meer afleveringen van de wereldwijde vegetariër.

zondag 19 november 2017

Reisblog 40 jaar later (4/4) Marokko, in je eigen wereldje

2017-2018. Deze winter is het 40 jaar geleden dat ik mijn eerste grote reis maakte. Wat is er veel veranderd. In hoe ik zelf reis. En in hoe jonge mensen reizen.
We waren weken onbereikbaar. Poste restante betekende dat iemand een brief stuurde naar een postkantoor, waar je dan ging kijken of er wat voor je lag. Naar huis bellen deed je een keer per reis vanuit de internationale telefooncentrale, achter het hoofdpostkantoor, herkenbaar aan de zendmasten op het dak. 
Zelfs Email en Internetcafés bestonden nog niet. Laat staan dat je een laptop, tablet of smartphone meeneemt en er van uit gaat dat er wifi in het hotel is. Je had je eigen mini-wereld, zonder veel afleiding door het thuisfront.


Essaouira 

Intussen reisde ik samen met Ewin, een Canadese jongen. We namen de bus van Marrakesh naar Essaouira, een klein stadje aan de kust. Daar sliepen we eerst in een hotel, maar de volgende dag gingen we plas­tic zeil en een watercontainer kopen, om ons in te richten op een kampeer­partij aan het stra­nd. Een stukje buiten de stad vonden we een mooi plekje in de duinen. Daar gezellig thee en een soepje gebrouwen, en vroeg onder de wol.
Tja, en toen we de volgende ochtend wakker werden... waren al onze spullen verdwenen! Een duidelijk geval van beroofd zijn. Ik had m'n paspoort en het meeste geld in m'n slaapzak, dus dat was er nog. Ewin had ook een deel van z'n geld daar. Zijn paspoort en mijn bril lagen iets verderop. Maar behalve de kleren die we aanhadden, was alles weg - zelfs onze schoenen!

Dat werd dus een trieste (af)gang, terug naar Essaouira. Eerst dronken we even wat op een terrasje om van de schrik te beko­men. Toen naar de politie om aangifte te doen. Daar liepen ze al niet hard voor ons, maar toen ze hoorden dat we onze pas­poorten nog hadden, waren ze helemaal niet meer geïnteres­seerd - dat was ongetwijfeld de reden dat ze Ewin's paspoort hadden achtergelaten. En mijn bril uit een soort compassie. Jammer dat ze m'n contactlenzen waarschijnlijk niet herkend hadden en er het­zelfde mee gedaan. Daar had zéker niemand anders wat aan.

Vervolgens gingen we maar uitgebreid inkopen doen - schoenen, sokken, toiletspullen, pennen, etc. En toen namen we maar weer onze intrek in een hotel.
We bleven nog ruim twee weken in Essaouira, en ondanks het idee dat degenen die ons bestolen hadden, hier waarschijnlijk gewoon rondliepen en het van ons wisten, was het een zeer genoeglijke tijd. De 'locals' vielen je hier ook veel minder lastig dan in Marrakesh - of was dat omdat ze wisten dat alles ons al ontstolen was?

We zaten veel op terrasjes in de zon, pratend met toeristen die kwamen en gingen, en dronken thee met zoetigheid; 's avonds werd er geregeld wijn gedronken; soms was er ergens popmuziek te beluisteren; er waren een aantal leuke restau­rantjes en cafés; in ons hotel voelden we ons prima thuis.
Onder de komende toeristen waren ook Sean en Gill, een stel uit Londen waar we veel mee optrokken, en die ik later dat jaar nog zou 'gebrui­ken' als eerste ingang om een plek in Londen de vinden.

De stad had een fort-achtige versterking naar de zee, vanwaar het een mooi uitzicht was op de vaak spectacu­lair uit elkaar slaande golven. Er was een sfeervol haventje, waar 's ochtends de vissersvloot binnenliep, en je verse, op houtskool ge­grilde vis kon krij­gen met brood en een schijfje citroen. Het centrum bestond uit smalle steegjes langs de wat grotere straat waar de meeste winkeltjes en marktkraampjes waren. 

De meisjes/vrou­wen in Marokko waren erg mooi. Eerst dacht ik nog dat ik dat vond omdat je er in Tunesië en Alge­rije zo weinig van zag, maar ook andere reizigers viel het op. Zelfs de vrouwen met sluier, waarvan alleen de ogen zichtbaar waren, mochten er wezen. Op de markt werd ik eens door zo een paar ogen bijna verslonden. Maar natuurlijk kon er nooit iets gebeuren. Zelfs buitenlan­ders ónderling moesten zich netjes gedragen: ik zag een paar­tje dat in het openbaar zoende een keer de huid vol gescholden worden.

Een paar heerlijke weken. Je zou zo vergeten nog ooit te vertrekken, zo in je eigen wereld. Maar het moest er toch een keer van komen. Samen met Sean en Gill had ik een datum geprikt, 16 februari.

De laatste dag hing er een weemoedige sfeer, maar werden we nog eens getrakteerd op een extra mooie zonsonder­gang en extra mooie golven. Op het dak van het hotel vierden we een klein afscheidsfeestje. 
1978, 1994, 1997, 2017


Meer van 40 jaar geleden

Reisblog 40 jaar geleden (1 t/m 4)

dinsdag 14 november 2017

Reisblog 40 jaar later (3/4) In Algerije is het veilig

2017-2018. Deze winter is het 40 jaar geleden dat ik mijn eerste grote reis maakte. Wat is er veel veranderd. Landen die ooit ontoegankelijk waren, liggen nu aan je voeten. Landen die ooit veilig waren, zijn nu ontoegankelijk. Libië en Algerije veranderen wat dat betreft voortdurend van status. In Tunis kwam ik terecht tussen opstootjes en politie-charges die de aller-eerste voorlopers waren, van wat veel later de Arabische lente zou worden genoemd.

Om een beetje het wereldnieuws te volgen probeerde je zo nu en dan een krant te lezen. CNN bestond nog niet, waar we veel later in Thailand van afhankelijk waren om te zien dat de er twee straten verderop een opstand uitbrak, en dat het vliegveld nog voor één dag kerosine had. Dank zij die informatie konden we net op tijd het land uit.

Europa zuchtte onder de terreur van de IRA, de RAF, de ETA en de Brigrate Rosse en er vielen in die jaren véél meer doden dan er sinds "9/11" in Europa gevallen zijn. Het lijkt wel eens of we dat vergeten zijn...


Tunis

Ik zat er aan te denken om via Libië naar Egypte te gaan. Ik ging maar eens bij de Nederlandse ambassade/consulaat informeren naar de grensdocu­menten. Daar waren ze vooral erg boos dat mijn paspoort er zo slecht uitzag: verkreukeld, nat en gescheurd. 'Dat heb je in bruikleen van de Neder­landse staat! Daar moet je heel zuinig op zijn!'
De grens tussen Libië en Egypte was dicht na wat schermutselingen, dus dat leek niet zo'n goede keus. Dan maar westwaarts in plaats van oostwaarts! Een visum voor Alge­rije geregeld, waarvoor zowaar pasfoto's gemaakt moesten worden.
Mijn laatste dag in Tunis waren er relletjes en poli­tie-charges in de stad, in verband met de gestegen broodprij­zen of zo iets, maar het ging toch een beetje langs me heen. Ik stond er op een straathoek naar te kijken. Veel later zou ik lezen dat er een algemene staking was en dat bij het neerslaan daarvan tenminste 42 doden zijn gevallen.

Algerije

Algerije werd in die tijd niet door toeristen bezocht, en de enige buitenlanders waren Fransen die er om zakelijke of ontwikke­lingshulp-redenen waren. Dus ik trok heel wat bekijks, en had wel eens groepen kinderen om me heen of achter me aan. De Islamitische gast­vrijheid heerste echter volop. Lifters meenemen was een plicht, en ook in alle andere opzichten waren de mensen erg vriendelijk, behulpzaam en betrouwbaar. Taalpro­blemen waren er hier (in heel Noord-Afrika) nauwelijks: niet alleen sprak bijna iedereen Frans, maar omdat het voor henzelf ook niet de eerste taal was, ook nog eens heel wat langzamer en verstaanbaarder dan in Frankrijk.

Het eerste stuk vanaf de grenspost ging ik met een soort taxi, en daarna liftte ik verder naar Constantine. Dat was een vrij grote stad, waar ik een hotelletje vond. Het was een echte studentenstad, en de studenten vonden mij ook wel interessant. In een café sprak ik een jongen aan die me wel aardig leek, ene Messaoud. Daar trok ik verder mee op en ik kreeg zelfs onderdak bij hem­. Water was er in Constantine maar twee uur per dag. Zelfs het toilet was buiten die tijd niet te gebruiken, en het schoonma­ken en dragen van contactlenzen moest ik tijde­lijk opge­ven. Ook het wassen van kleding en mezelf gebeurde minder en minder.

Na twee dagen ging ik verder naar Algiers, de hoofdstad. Erg groot en druk. De zoektocht naar een hotel leverde hier niets op. Wel liep ik een Franse jongen tegen het lijf die een adres in een stad verderop had. Dus wij naar het station en met de trein. Die was niet alleen afgeladen vol, we stonden klem in het gangpad, maar had ook nogal wat zwartrij­ders. Toen de controle kwam, klom iemand uit het raam en ging buiten de trein hangen! Maar ja, zijn vingertoppen waren natuurlijk toch zichtbaar, en op het volgende station werd hij aan de politie overgeleverd. In Khemis-Milliana had een stel Fransen een flat, waar ik wel een dagje kon blijven. Daar kon ik luxe douchen en eten.

Verder ging het. Onder Oran langs, en daarmee wat afgedwaald van de doorgaande weg, kwam ik in een bergdorpje. Het sneeuwde er, en er was geen stroom en geen hotel. Dus ik ging maar eens op het politiebureau informeren, en kon daar gelukkig onderdak krijgen. Niet in een cel, maar in de wachtkamer op de bank. Een veiligere plek was er niet te bedenken. 

De volgende dag liftte ik verder, en nam een bus het laatste stukje tot de grens met Marokko. En daarmee had ik in een kleine week Algerije van oost naar west doorgestoken.
1977-1978, 1994, 1997, 2017

Meer van 40 jaar geleden


Reisblog 40 jaar geleden (1 t/m 4)

donderdag 9 november 2017

Reisblog 40 jaar later (2/4) No-budget in Tunesië

2017-2018. Deze winter is het 40 jaar geleden dat ik mijn eerste grote reis maakte. Wat is er veel veranderd. In hoe ik zelf reis. En in hoe jonge mensen reizen. 

Waar ik me over verbaas is wat een riant budget veel backpackers  hebben, tegenover het low-budget van toen. We zijn met z'n allen véél rijker geworden.

In Mysore keek ik een paar jaar geleden in de lobby van wat 20 jaar eerder mijn low-budget backpacker-hotelletje was. Inmiddels een geheel gerenoveerd luxe boutique hotel ruim boven mijn budget. Komen er twee jonge meiden met een grote rugzak binnen. Zegt de een tegen de ander: "Is dit niet te duur?". "Nee hoor, dit is het hotel waar mijn moeder vroeger ook geweest is, ze zei dat we hier moesten logeren."

Zelf reisde ik 40 jaar geleden no-budget. Of bijna dan toch: gemiddeld gaf ik 5 US-dollar per dag uit. Zelfs een hotel kon je uitsparen - soms omdat er eenvoudigweg geen wás.


Op de boot van Sicilië naar Tunesië had ik Peter en Erik ontmoet, een Duitse en een Franse jongen. We trokken een tijdje samen op. Liftend in zuidelijke richting strandden we in een dorpje vlak voor Mahdia. We brachten de avond met wat 'locals' door, en de nacht in een garage op een grote berg olijven. De volgende dag hebben we zo'n olijven-boomgaard bekeken. Onder de bomen spreidden ze zeilen uit, waarop ze de olijven opvingen.

Djerba


Verder, naar het eiland Djerba. Djerba was toen al een toeris­ten-nederzetting aan het worden. Er waren luxe-hotels waar heel veel Duitsers de kerstdagen doorbrachten. In zo'n hotel had je letterlijk alles: postkantoor, bank, discotheek, nacht­club met buikdanseres, restaurants, cafés, bars, winkels. Alleen te duur voor ons budget, dus we gingen op het strand slapen - nog steeds met z'n drieën. Ruim een week kampeerden we daar in een primi­tief soort hut van takken en bladeren op het strand. 's Nachts was het wel koel, en vooral vochtig, overdag was het zonnig en warm. We maakten soms mooie kampvu­ren, een keer met een com­plete boomstam. We bezochten 's avonds zo'n verderop gele­gen sjiek hotel, waarna je terug door het donker over een meter-brede greppel moest. We wasten onze kleren in de middellandse zee - het is geen goed idee dat met een spijkerbroek te doen. Met de kerstda­gen zwommen we in zee.  Zo nu en dan liftten we naar de stad (20km) of het dorp (6km) ver­derop, inko­pen doen op de markt, vooral om soep van te brouwen. Het was heel relaxed allemaal. De grootste wens was een douche.
Na een week ging ik met Matma­ta, een dorpje meer land­inwaarts. De huizen waren daar uitgegraven in de grond, rondom een soort diepe ronde kuil die als dorpsplein dienst deed. Daar veel in een café geze­ten (en geslapen, bij gebrek aan een hotel); thee gedron­ken; oud en nieuw laten passeren.

Grensplaats

Ik bracht een week door in Tunis-stad (waar ik wel in een hotelletje sliep) voor ik weer verder reisde. De stad uit gelift. Met het vallen van de avond werd dat moeilijker. Ik was in een dorpje beland waar wat opge­schoten jongeren zich om me 'ontfermd' hadden, en ik voelde me er niet zo prettig bij. Ze wezen me als onderdak een in aan­bouw zijnd huis, maar tegelijk zaten ze achter m'n rug de zijzakjes van de rugzak te onderzoeken. Uiteindelijk wilde een 'taxi' me wel weer meenemen naar het volgende dorp, maar tegen betaling, en het Tunesische geld was op... Maar voor een pakje thee deed hij het ook wel. In dat dorp was op straat intussen niets en niemand meer te zien, en ik installeerde me ergens op een veranda, een beetje uit het zicht, voor de nacht.
De volgende ochtend bleek ik in een soort schooltje te liggen. En samen met de kinderen kreeg ik ontbijt: een soort liga-koeken en melk gemaakt van Nederlandse melkpoeder.
Dit was al het grensdorp, maar ik zat wat zuidelijker dan de doorgaande weg, en er was hier dus erg weinig verkeer. Vol goede moed begon ik de wandeling op de weg die ze wezen, naar de grens. Slingerend door de heuvels was het een kilometer of drie naar de Tunesische grenspost. Dat was al even doorzetten, zo met de rugzak. Maar, oh schrik, daarachter begon een nie­mandsland van 13 kilometer naar de Algerijnse grenspost! Er zat weinig anders op dan door te wandelen. Een klein stukje kon ik nog meerijden op een of andere landbouwmachine, maar het was toch voornamelijk een héle lange wandeling...

De Algerijnse grenswachters keken ze wel een beetje op van zo'n vreemde snuiter, en vroegen zich af of mijn lenzen-spullen echt geen drugs waren. Maar ik mocht er in...
1977-1978, 1994,1997, 2017

Meer van 40 jaar geleden

zaterdag 4 november 2017

Reisblog 40 jaar later (1/4) Liften in Italie

November 2017. Deze maand is het 40 jaar geleden dat ik aan mijn eerste grote reis begon. Veertig jaar, eigenlijk niet te bevatten. Wat is er veel veranderd. In hoe ik zelf reis. En in hoe jonge mensen reizen. Het woord "tussenjaar" bestond nog niet. Het woord "liften" lijkt uit het reis-vocabulaire verdwenen. Een fenomeen uit een ver verleden.


Naar Florence - zoals de waard is, wordt hij vertrouwd door zijn gasten.

Die ochtend scheen de zon nog. Maar na Chur moesten we om­hoog, een heuse Alpen-pas over. En hoe hoger we kwamen hoe harder het ging sneeuwen. Al gauw ging al het verkeer op een slakke­gangetje. Zo nu en dan slipte er een auto, maar nog niet erg. Uiteindelijk stonden er steeds meer auto's verlaten op of langs de weg. Tergend langzaam ging het verder, of soms een kwartiertje helemaal niet. En door de dichte sneeuwbuien zag je werkelijk nog geen tien meter. Maar dat maakte niets uit, want als je zo nu en dan wel wat verder kon kijken, was toch allemaal wit, en zag je bijna niet hoe hoog de bergen en hoe diep de afgronden waren. Na een hele tijd ging het weer om­laag, en het ging zowaar wat beter en sneller. Tot zo'n 40 km voor de grens, waar de laatste bergpas begon. Alle auto's zonder sneeuwkettingen werden door de politie teruggestuurd. En dus ook die waarin ik zat. Uitgestapt dan maar. Maar geluk­kig alweer vrij vlot meegenomen door een Itali­aans echtpaar met een grote bestel­auto, dat tot Como, de grensplaats ging. Die laatste berg was inderdaad heel verschrikkelijk. Zonder zichtbare aanleiding gingen auto's zo nu en dan volle­dig om hun eigen as. Maar ook dat hebben we overleefd.
Bij de grens was ik al bijna uitgestapt, toen ik er achter kwam dat het echtpaar hier alleen een half uurtje zou blijven, en dan verder gaan naar Florence. Ik had nog geen idee wat ik in Italië wilde doen, maar van Florence had ik veel goeds gehoord. Dus ter plekke viel het besluit dat dat mijn eerst­volgen­de bestem­ming zou worden, en spraken we af dat ik verder mee zou gaan. Terwijl zij wat zaken gingen regelen, kon ik mooi geld wisse­len, en liet daarbij mijn bagage in de auto achter. Bij terug­keer een ernstige vermaning van het echtpaar, dat je zoiets in Italië nooit moest doen, en dat ze er gemak­kelijk met al mijn spullen vandoor hadden kunnen gaan. Mijn verweer was, dat ze al bij een eerdere stop mij alleen in de auto hadden gelaten, met de sleu­tel­tjes er nog in, en dat mensen die dat doen geen slechte gedachten konden hebben. Verbijste­ring en hilariteit.
Vanaf de grens naar Florence was het nóg 5 uur rijden. Vanaf daar ging de rit door het donker, en al was de sneeuw hier al van de weg geruimd, het bleef slecht weer om te rij­den. Door de Po-vlakte lang­s Milaan, en voorbij Bologne een nieuwe bergketen over. Daar geen sneeuw meer, maar toen begon het te misten!
Al met al een behoorlijk opwindende tocht door de elementen, van Zwitserland naar Italië. Maar in Florence was het tenmin­ste niet koud.


Naar Catania

Maar ja, ook in Florence kwam de winter steeds dichterbij, dus na twee weken ging toch verder. Van de Italianen die op Ponte Vecchio rondhingen kwamen er veel uit Sicilië, en ik kreeg een adres in Cata­nia, dus werd dat mijn volgende bestemming.

Liften deed je in Italië niet door je duim omhoog te steken, maar door de bestuurders aan te spreken bij benzine-stations of bij de toegang tot de tolwegen. Het duurde een paar uur voor ik dat door had, maar toen vond ik meteen een auto die tot Rome ging. Daarvan zag ik alleen de randweg. De volgen­de rit ging meteen tot Napels - alleen iets te ver de stad in, zodat ik weer een stuk terug moest. Op een gegeven moment, eigenlijk al op weg naar een hotelletje voor de nacht, zat ik bij mensen in de auto die zeiden: 'kijk, een vrachtau­to met Cataniaans nummer­bord!' Dus bij de volgende tol zorgden ze dat we daarnaast stopten, en kon ik 'overstappen'. Dan was het nóg 12 uur, over steeds smallere wegen. Al met al een monster-etap­pe, maar in zo'n 24 uur was ik van Noord- in Zuid-Italië gekomen.

1977, 1994, 1997, 2017

Meer van 40 jaar geleden

Reisblog 40 jaar geleden (1 t/m 4)

zondag 22 oktober 2017

The Breeders in de Melkweg


Good morning” is het openings-akkoord van de single die de Breeders uitbrengen aan de vooravond van hun tournee. Het doet denken aan Last Splash, het legendarische album van de Breeders uit 1993. Ze zijn terug in die bezetting en met die sound.

De Breeders ontstonden als nevenactiviteit toen Kim Deal bassiste bij de Pixies was, maar daar te weinig inbreng kreeg. Het immense belang van de Pixies voor de ontwikkeling van de moderne muziek is vaak geïllustreerd met het citaat van Curt Curbain dat hij met Nirvana probeerde de Pixies te imiteren – met meer commercieel succes. Minder bekend is dat Curt ook zei dat hij graag had gezien dat Kim meer Pixies-nummers had mogen schrijven. Enfin, over de invloed van de Pixies en Kim Deal zijn boeken vol te schrijven.

Maar nu is het 2017. Nirvana en de originele Pixies bestaan niet meer, Kim is nuchter en de Breeders staan op eigen benen. In de Melkweg.

*

De zaal is nog half leeg als het voorprogramma begint, de Pins uit Manchester. Maar als die uitgespeeld zijn, is het bomvol. Het doorsnee publiek is al even onopvallend gekleed als we Kim kennen. Geen expressie van subculturen, geen opvallende uitdossing.


The Breeders
Kim is het middelpunt op het podium en duidelijk het hart van de band. Met opvallend veel plezier zingt ze en speelt ze gitaar. Drummer Jim zorgt met al even veel plezier voor de drive en dynamiek. Josephine speelt cool en onbewogen haar basgitaar. Kelly heeft al haar aandacht nodig voor haar gitaar, ze kijkt steeds geconcentreerd naar haar handen als ze speelt.

We krijgen een anderhalf uur durende set voorgeschoteld vol korte en krachtige nummers die de vier decennia van Kim's carrière omspannen. Zelf hebben ze ook het nodige historisch besef: "In de zaal hiernaast speelt nu Philip Glass. Dit nummer is van de Safari EP die we in 1993 in zijn studio in New York opnamen." "Dit nummer speelden we in 1992 toen we op tournee waren met Nirvana, hier in de kleine zaal" (die niet meer bestaat). "Back to the eighties" als aankondiging voor Gigantic, de eerste single van de Pixies, opgebouwd rond Kim's baspartij. Ze ruilt er speciaal bass en gitaar voor om met Josephine. Kelly neemt Joey's snerpende gitaar-riffs met verve over.

Instrumenten worden ook gewisseld voor Off you. Nu speelt Kelly bas, maar ze moet dat op de grond zittend doen, om het akkoorden-schema van een groot vel papier te kunnen lezen. Roadie Mike, die voor de gitaren zorgt, speelt ook een partijtje mee. Het resulteert allemaal in een aangrijpend mooie uitvoering.

Generale repetitie voor de tour in Newport, KY
De uitvoeringen van Drivin' on 9 en Beatles-cover Happiness is a warm gun laten zien hoe ze ieder nummer naar hun eigen unieke sound kunnen omvormen.
Na een week met de Pins op tournee te zijn, hebben ze ontdekt dat Pins-zangeres Faith ook viool speelt, en dat is precies wat nodig is voor Drivin' on 9. Vandaag speelt ze voor het eerst mee, en het is de perfecte aanvulling. Dit had uitgesponnen mogen worden tot een lange uitvoering, maar zelfs dit nummer blijft onder de drie minuten.

De Breeders spelen alles behalve als een geoliede machine. De gitaar-wissels duren te lang en gaan soms verkeerd. In het begin staat Kim's zang te zacht. Er wordt voortdurend gerommeld aan de voetpedalen. Kim moet Kelly uitleggen welke partij ze moet spelen in Wait in the car. Maar de vreugde, volatiliteit en energie die in de Kim's geweldige composities en arrangementen gelegd worden, zorgen voor een gedenkwaardige avond.

Meer concerten 

Lees hier meer concert-reviews


donderdag 27 juli 2017

Bos en Lommer (8) Er zijn méér Italiaanse bollen dan alleen een broodje Mario

Bollen

Het is voor mensen jonger dan 50 niet voor te stellen dat er ooit een tijd is geweest zonder exotische restaurants, biologisch eten, koffie-bars met ontelbare variaties koffie, veganistisch gebak, ketens waar je voor de wifi komt en daar een drankje bij krijgt.

In de jaren '70 had je het Chinees-Indonesisch restaurant en was het een uitje om koffie te drinken in het meest prominente hotel-restaurant van de stad. Tegen die achtergrond moet je het zien dat wijlen Mario's kraam met Italiaanse bollen aan de Oude gracht in Utrecht een omweg waard was. De grote knapperige warme bol met kaas, rauwkost en pepertjes ertussen, het was een bijzondere “beleving” – ook al noemde je dat toen nog niet zo. Nu buiten de deur lunchen zelfs voor scholieren de gewoonste zaak van de wereld is geworden, is die Italiaanse kraam geen unicum meer. De herinneringen hebben bijna mythische vormen aangenomen.

Met de komst van Gelateria & Rosticceria Il Gusto op de hoek Van Gentstraat / Haarlemmerweg, met de Italiaanse bollen prominent op een poster aan de gevel, kwamen oude tijden terug. Maar het zou niet eerlijk zijn om de hedendaagse werkelijkheid te meten aan een oude mythe. We beoordeelden het broodje mozzarella op z'n eigen waarde. En het was prima. De bol was smaakvol, rijk belegd met pesto, rucola en tomaat. De mozzarella was niet zo'n gummibal uit de supermarkt, maar had een fijne structuur. Wellicht geimporteerd uit Italie. Een hapje salade ernaast was lekker op smaak gebracht. Ook de kruiden komen misschien rechtstreeks uit Italie.
De bol was wel behoorlijk machtig. 
Hoewel er geen veganistische optie op het menu staat, maken ze op verzoek een bol met gegrilde groente en een pepertje!

Bolletjes

Il Gusto presenteert zich vooral als een ijssalon. Terwijl we op het terras de bol aten, werd in de kelder een grote bak ijs vers bereid, met machinerie en recept uit midden-Italië. Precies op tijd klaar voor het toetje. Twee bolletjes in een bakje. En het was heerlijk. Het vruchtenijs lekker fris, het chocolade ijs vol en crèmig.
Een omweg waard!
En die omweg wordt inmiddels door menigeen gemaakt: buurtbewoners in alle variaties die Bos en Lommer rijk is; toeristen uit airbnb's in de buurt of uit een goedkoop hotel bij Sloterdijk; bouwvakkers die werken aan de woonwijk op het ING-terrein.

Bonen van illy

De koffie is zoals je die bij een Italiaan mag verwachten: lekker sterk zonder bitter te worden, smaakvol en gloeiend heet.

Bom

Een regelrechte sensatie is de affogato al caffè, een bolletje ijs in een glas warme espresso. Een geheel nieuwe benadering van ijskoffie. Koud en warm, bitter en zoet, verbluffend lekker. Het slaat in als een bom!
Affogato is afkomstig uit Zuid-Italie, waar het zelfs bij het ontbijt gedronken wordt. Wij zien het meer als een lekker tussendoortje of een toetje.

Waarschuwing: niet vlak voor het slapen nuttigen.


Bord vol

Met het eindigen van het ijsseizoen, is de zaak verbouwd. Achterin is een keuken met een heuse pizzaoven geplaatst. Die willen we natuurlijk graag uitproberen. Op de tafeltjes zijn nu kleedjes verschenen, wat de zaak net dat beetje extra aankleding geeft. Uitgebreid romantisch dineren zul je hier niet gauw doen, maar je kunt er best even gezellig zitten eten.
Onze bestelling wordt opgenomen door de vrolijke en enthousiaste kok. De pizza’s beslaan een groot bord vol, zijn flinterdun en krokant met een knapperig randje, perfect. De funghi is gewoon lekker, maar de bruschetta is verrukkelijk. Een mix van subtiel en een beetje pit. Nee, zo krijg je ze niet in de dertien-in-een-dozijn ketens die je overal door de stad vindt. Hier komt het Italiaanse meesterschap bovendrijven. 


Arrivederci!
Amsterdam, juli-augustus-november 2017


Meer Bolo blogs 

Lees hier meer Bos en Lommer koffie- en lunch-reviews


woensdag 19 juli 2017

Bos en Lommer (7) Van de Eufraat naar de Amstel


De lekkerste falafel die ik ooit gehad heb, was in Deir-ez-zur, in Syrië. Toegegeven, ongetwijfeld hielp het dat we die dag onze lunch gemist hadden. Bij het bezoeken van de opgravingen van Dura Europos hadden we er op gerekend dat bij de ingang wel een stalletje met eten en drinken zou zijn. Maar blijkbaar was de site meer van archeologisch dan van toeristisch belang, want er was geen enkele voorziening. Vooral het gebrek aan water – de Eufraat leek ons geen drinkwater – viel zwaar. Onze redding kwam van een paar lokale bouwvakkers in het veld, die een meloen met ons deelden. Dus terug in de stad hadden we wel trek. En de falafal smaakte zo goed dat ik 'm, nu precies 20 jaar later, nog niet vergeten ben.


Toen op de hoek van de Bos en Lommerweg en de Haarlemmerweg een Syrische snackbar / grillroom geopend werd, waren de verwachtingen dan ook hoog gespannen. Het uiterst hartelijke onthaal door de uitbater, met een kopje koffie van de zaak, haalde nog meer herinneringen op aan de gastvrije Syriërs. De zaak zag er netjes en fris uit, en de naam Eatopia was speels. De gevarieerde menukaart probeerde in te spelen op de gevarieerde bevolking van de buurt. De afspraak om binnenkort een broodje falafel te komen eten, werd snel gemaakt.


Maar de volgende dag, rond lunchtijd, was de zaak dicht. En een week later, rond lunchtijd, ook weer. Het is moeilijk voor een opstartende zaak om vaste openingstijden te hebben, want er is altijd wel nog iets wat vergeten was, gauw nog geregeld of gehaald moet worden.

Dus wij blijven nog even in blijde afwachting hoe de falafel hier zal smaken. Hopelijk binnenkort op deze plek nieuws...

Amsterdam, 12-19 juli 2017

Meer Bolo blogs 

Lees hier meer Bos en Lommer koffie- en lunch-reviews

zaterdag 27 mei 2017

Noten op zang

Er was eens een walnoot
Die woonde op een boot
Het viel 'm niet mee
Het leven op zee
Want zoals de naam al zegt
Was hij voor een leven aan wal in de wieg gelegd

*
Er was eens een cashewnoot
Die stond heel erg rood
Hij kon niet meer pinnen
En met cash kun je ook niets meer beginnen

*

Er was eens een kastanje
Die hield veel van oranje
Oh wat was dat mooi
Meedoen aan een eindtoernooi
Maar nu was het balen
Hoe die plaatsing uit het vuur te halen?

*
Er was eens een amandel
Al heel vroeg aan de wandel
Nog voor de ochtendstond
Was zijn roeping wat hij vond
“Ik wil mijn ware zelf zijn
Ik wil veranderen in marcepein”



maandag 17 april 2017

Brood blog 6: Variaties en tips bij Waterlily brood-bak-recept

Waterlily's recept om zelf brood te bakken is speciaal ontwikkeld om gemakkelijk te werken en altijd te lukken. We raden je aan het eerst een paar keer precies volgens het recept te maken. Als je dat in de vingers hebt, kun je desgewenst gaan experimenteren.

Hier zijn wat suggesties om te varieren:

Ingredienten

* Als je gezonder wilt eten, kun je de hoeveelheden zout, suiker en boter halveren.
Zorg dat de verhouding zout:suiker hetzelfde blijft.
De boter kun je vervangen door een scheutje plantaardige olie, dan kleurt de korst ook mooier bruin.
Het doel van de boter of olie is dat het brood wat langer vers blijft. Als je weet dat je het binnen 24 uur helemaal op eet, kun je boter / olie ook weglaten.

* Je kunt experimenteren met bv roggemeel of speltmeel. Of je kunt varieren met de verhouding  wit meel  : ander meel

Bereiden

* Je kunt de eerste rijs in de koelkast laten gebeuren. Dat duurt een uur of 7 a 10.
De kom met deeg in de koelkast goed afsluiten met een deksel of plastic folie.
Omdat de deegbol zo koud is geworden, kun je de tweede rijs een handje helpen door de bakplaat boven op een kom lauw-warm water te zetten (en bedekken met een theedoek).



Laat het koude deeg langzaam uit de kom zakken

Een beetje meel strooien voor het platdrukken

...de tweede rijs boven op een kom warm water... 
Bv 's avonds kneden, de kom met deeg in de koelkast zetten, en 's ochtends platdrukken en verder bereiden. Dan heb je 's ochtends sneller en gemakkelijker vers brood.
Of 's ochtends kneden en in de koelkast zetten terwijl je naar je werk gaat. Dan heb je 's avonds snel vers brood.


* Ná de eerste rijs van 40 minuten, moet je het brood platdrukken om door het gist gevormd gas te verwijderen.
In plaats van dubbelbouwen kun je de platte deeglap ook oprollen om in de gewenste vrom te brengen.

Rozemarijn
 Rozemarijn

Dit is ook het moment om desgewenst noten of zaden toe te voegen. Of probeer eens fijngehakte rozemarijn!



* Het voorverwarmen van de oven is belangrijk. Als je het brood in een koude oven zet, duurt het te lang voor de gist afsterft.

Bewaren

* Als het is afgekoeld, bewaar het brood dan in een papieren of plastic zak.

* Omdat je zelfgebakken brood zonder toevoegingen van broodverbeteraars en conserveringsmiddelen is, blijft het minder lang vers dan fabrieksbrood.
Het doel van de boter of olie is dat het brood wat langer vers blijft. Als je weet dat je het binnen 24 uur helemaal op eet, kun je boter / olie ook weglaten.
Als het brood minder vers is, kun je het nog heel smakelijk eten door het even te roosteren. Lees hier over broodroosters.



Meer brood-blog

Lees hier de andere brood-blogs.